Spiking, het opzettelijk drogeren met oog op seksueel misbruik

Het fenomeen “Spiking” werd vorige week in een Pano-reportage duidelijk in beeld gebracht. Het brengt de dossiers onder de aandacht waarin iemand opzettelijk gedrogeerd werd om hem/haar nadien seksueel te misbruiken.

Uit cijfers blijkt dat er per week 1 dossier rond ‘spiking’ wordt opgestart. Dit wil zeggen dat er wekelijks een persoon aangifte doet slachtoffer te zijn geworden van dergelijke feiten. Onderzoek toont aan dat deze cijfers een zware onderschatting uitmaken en dat er in realiteit helaas veel meer slachtoffers vallen. Vaak durven slachtoffers evenwel geen aangifte doen uit angst of schaamte.

Om iemand te drogeren wordt veelal het verdovende middel ‘GHB’ gebruikt; slechts enkele druppels van de vloeistof zijn voldoende om iemand onder invloed te brengen. Het product is geur- en kleurloos en dus zeer moeilijk merkbaar, waardoor het slachtoffer de toevoeging van de drugs in zijn/haar drinken niet merkt.

Slachtoffers die dergelijke zaak hebben meegemaakt spreken van gehele black outs of vage herinneringen in flitsen en sommigen zelfs van een comateuze toestand die enkele uren kan duren. Volgens professor Jan Tytgat worden deze black-outs veroorzaakt door de combinatie van de drug met de inname van alcohol. Deze wisselwerking zorgt voor een versterking van het effect van de drug.

GHB is een stof die zeer snel uit het lichaam verdwijnt. Het opsporingsvenster om de stof te kunnen identificeren in het bloed of in de urine is zeer kort: GHB is slechts zo’n 6 à 8 uur op te sporen in bloed en zo’n 12 uur in urine. De uren na het misdrijf zijn dan ook cruciaal voor het verdere onderzoek. Idealiter begeeft een slachtoffer van verkrachting zich zo snel mogelijk naar een van de zorgcentra na seksueel geweld, alwaar zij de juiste begeleiding en medische hulp zal  krijgen.

Het feit dat GHB danig kort traceerbaar is, is helaas niet de enige moeilijkheid waar slachtoffers die aangifte doen mee geconfronteerd worden. Zedenzaken typeren zich vaak door een woord-tegen-woord situatie en een gebrek aan objectief bewijs. Dit heeft tot gevolg dat zaken frequent geseponeerd worden.[1] Er moet namelijk voldoende aangetoond worden dat de seksuele betrekkingen zonder toestemming hebben plaatsgevonden.

Uiteraard kan een slachtoffer geen geldige toestemming geven wanneer hij of zij zich in dergelijke gedrogeerde staat bevindt. Doordat je bijna geen remmingen meer hebt– of soms zelfs het bewustzijn verliest – kan de ‘spiker’ makkelijker misbruik van de situatie en kan van seksuele handelingen met wederzijdse toestemming logischerwijze geen sprake meer zijn.

Wij merken in de praktijk op dat sommige onderzoeken niet voldoende adequaat gevoerd worden. Er is ook de mogelijkheid om een geseponeerd dossier te doen heropenen door een klacht met burgerlijke partijstelling neer te leggen bij een onderzoeksrechter. Hierbij kunnen er verschillende bijkomende onderzoekshandelingen gevraagd worden, dewelke een ander licht op de zaak kunnen werpen. Hierdoor kan het zijn dat de dader alsnog vervolgd wordt en het slachtoffer alsnog de erkenning krijgt die hij of zij verdient.

Uit de reportage blijkt ook dat slachtoffers tijdens het lopende onderzoek vaak geheel geen idee hebben wat er in hun dossier gebeurt. Een vooronderzoek duurt vaak minstens enkele maanden. Wij kunnen helpen met informatie te geven over het lopende onderzoek, zodat slachtoffers minstens informatie krijgen over de stand van zaken van hun dossier. Wij kunnen ook het slachtoffer bijstaan en begeleiden tijdens hun aangifte indien dit nog niet gebeurd zou zijn.

Indien u hierover vragen heeft of onze hulp zou wensen kan u altijd contact opnemen met ons.

[1] Cijfers tonen aan dat de helft van de zaken zonder gevolg blijft.



Hulp nodig?